Loek Wensveen, BIM Coördinator

Bouwen is me met de paplepel ingegoten - Loek Wensveen, BIM Coördinator

‘Geef mij veel mensen, veel raakvlakken en veel installaties. Dan vind ik mijn draai wel. Het liefst gebruik ik kleuren bij het modelleren van tunnels, maar beton is toch vooral grijs.’

‘Bouwen is met de paplepel ingegoten. Mijn pa is aannemer in Berkel en altijd in de weer met huizen bouwen. Samen met zijn broers. Wij bouwden boomhutten, deden klusjes en reden in heftrucks. Civiele techniek in Rotterdam was de volgende logische stap. Op de dag dat ik afstudeerde – ik stond met taart in mijn handen - , belde Mobilis ‘of ik interesse had in een baan?’ Een week later ging ik aan de slag.’

Wat was je eerste opdracht?

‘CAD en 2D-ontwerpen waren vijf jaar geleden nog de standaard. Mijn eerste klus volgde als technische tekenaar bij de renovatie van de Maastunnel. Daar ontdekte ik mijn passie voor tunnels. Al vrij snel volgde een cursus BIM en is ontwerpen in 3D de standaard. Het ontwerp van de Maastunnel is als één van de eerste projecten binnen Mobilis helemaal in 3D uitgewerkt. Veel mensen hebben het over 5D en soms ook 6D. Daar heb ik een beetje een hekel aan. Natuurlijk zijn aspecten als kwaliteit, kosten, voortgang en duurzaamheid belangrijk, maar dan kom je uit op 8D, want in het ontwerp is alles belangrijk. Het moet namelijk wel echt gebouwd worden en minstens honderd jaar blijven staan.’

 

Begint jouw rol zodra de gunning rond is?

‘Meestal wel. Dat is het fascinerende van dit vak. Je begint bijna op nul, vaak met een schets van een architect. Een mooi plaatje, maar dat is nog lang geen uitvoerbaar ontwerp. Daar ligt de kracht van BIM: dat je kunt opwerken vanuit een model dat je echt kan bouwen. Bijvoorbeeld bij het project Oosterweelverbinding. Daar ligt een goed uitgewerkt referentieontwerp, maar is de tunnelwand in een doorgaande lijn getekend. Daar maken we 20 tekeningen voor, voor 20 tunnelmoten van elk 25 meter.’

Wat zijn lastige punten in het ontwerp?

‘Bij tunnels is relatief weinig ruimte. Vooral bij de ankers en de plek van de funderingspalen is het altijd extra opletten. Ik hou van het gebruik van kleuren bij het ontwerpen. Vooral rood bij risicovolle delen of lastige raakvlakken. Uiteindelijk is het beton vooral grijs en dat is op de bouwplaats vaak de basis. De maatvoerders ‘buiten’ krijgen meestal zipp-bestanden en een pdf mee. Het is namelijk niet de bedoeling dat er buiten iets anders gebeurt dan op de tekening.’  

Ben je betrokken bij Oosterweel?

‘Dat wordt mijn volgende klus. Ik vind het prettig om aan een groot project tegelijk te werken, maar het is prima om in de afrondende fase alvast op te starten met een volgende klus. Ik ben begonnen aan met de Maastunnel om vervolgens te werken aan de toeritten van de RijnlandRoute. De afgelopen drie jaar ben ik betrokken bij de  A16 Rotterdam waar ik als BIM-coördinator alle modellen moest samenvoegen. Het project is in drieën geknipt en ik heb mij met de 3 kilometer lange tunnel bezig gehouden. We werken bij grote projecten altijd in een team. Bij de A16 waren dat twintig mensen voor de landtunnel en nog eens tien voor de toeritten. Dat ontwerp is nu in een vergevorderd stadium, dus tijd om weer door te schuiven. Straks naar Antwerpen ga ik met de trein en bij mooi weer met de motor. Ik werk thuis, maar af en toe ook op kantoor. Ik ga ook graag af en toe op de bouwplaats kijken, maar dat schiet er vaak bij in.’

Naast motorrijden nog andere hobby’s?

‘Ik rij graag motor en bezit geen auto. Tochtjes langs het water zoals de Rijn en IJssel zijn favoriet. Af en toe gaan we met zo’n stuk of vijftien collega’s op stap. De motortocht van Jacco, noemen we dat. Die traditie is bij de Maastunnel spontaan geboren en we houden dat nog steeds vol om af en toe te toeren. Daarnaast zet ik  regelmatig tochten uit via Polarstep, maar dat is meestal voor de scouting. Daarbinnen ben ik vrij actief. Ik hou van afwisseling. Elke dag wat anders. Dat geldt ook voor mijn werk. Bij elk nieuw project moet je weer even je draai vinden. Even het wiel opnieuw uitvinden: Wat is de bedoeling? Waar zitten de juiste mensen? Het lukt altijd.’

Waar ben je het meest trots op?

‘Meestal werken we aan het ontwerp, maar voor een tender van Tennet hebben we een fictief project gecreëerd. De opdracht was gekoppeld aan het winnen van een raamcontract van de netbeheerder. Ons team heeft zich gebogen over het 380 Kv-deel, waarbij de objecten in het 3D model zijn gekoppeld aan de  ‘systeem break down structure. Ons model kreeg het hoogste cijfer. Dan ben je trots.’

Trekken grote projecten het meest?

‘Geef mij maar veel raakvlakken, veel mensen en veel techniek. Bij tunnels zijn de technische installaties altijd een uitdaging. Daar houden techneuten van. Bij grote opdrachten is het meeste voordeel met BIM te behalen. Dan kan je echt optimaliseren en werkt de kracht van de herhaling. Bij sommige uitvoeringstekeningen wordt tot 70 procent automatisch gegenereerd en haal je zomaar tien tekeningen per week. Bij de RijnlandRoute lukte dat.’

Wat is de volgende stap?

‘Ik werk nu nog bij de A16, maar de volgende stap wordt Oosterweel. Ja, weer een groot project met een tunnel. Ik vermaak me voorlopig wel.’

Loek Wensveen, 27 jaar, BIM Coördinator bij Mobilis

Passie scouting, motorrijden
Leuke collega Felix Leenders
Favoriete bouwmateriaal Beton
Mooiste bouwwerk van Nederland Delta werken
Lelijkste bouwwerk van Nederland Groninger Forum
Als ik directeur van Mobilis was, zou ik meteen BIM’en

Wil jij ook werken bij een slimme verbinder?

Bekijk onze vacatures!